Kamperfoelie (Serotina)

Wat is de ‘Serotina’ voor een plant?

‘Serotina’ is een veel gebruikte cultivar die wat dunnere blaadjes heeft dan de soort. De bloemen van de ‘Serotina’ zijn in de knop donkerviolet van kleur en aan de binnenkant lichtgeel. Deze plant bloeit pas goed als hij al wat ouder is.

De Nederlandse naam kamperfoelie is een verbastering van de Latijnse naam Caprifolium dat ‘geitenblad’ betekent, omdat geiten graag van deze planten schijnen te eten. De geslachtsnaam Lonicera is een vernoeming van Adam Lonitzer, een Duits botanicus die leefde van 1528-1586. Dit geslacht bestaat uit twee grote groepen planten die alleen op het noordelijk halfrond voorkomen.

Welke kamperfoelie soorten zijn er?

Je hebt de bekende klimplanten met de geurende bloemen en daarnaast de sterke bladverliezende en groenblijvende struiken. Ze hebben allemaal bladeren of blaadjes die steeds in paren tegenover elkaar staan en vijftallige bloemen, maar dat laatste is vaak heel moeilijk te herkennen vanwege de exotische vorm die ze soms hebben. De bloeiende soorten geuren veelal verrukkelijk (vooral ’s avonds) en vormen enkele of dubbele bessen. Lonicera periclymenum is een heel bekende klimmer met eironde blaadjes die aan de onderkant een beetje blauwachtig zijn. De bloemen zijn roodpaars in de knop, bij het opengaan ziet u een lichtgele binnenkant met meeldraden en stamper. Ook deze soort geurt heerlijk in de avond.

Hoe kan ik de ‘Serotina’ verzorgen

Vrijwel alle kamperfoelies houden van goed doorlatende grond die wel vocht vasthoudt en dus liefst flink veel humus moet bevatten. Het zijn ten slotte van nature bosrandplanten. Snoeien van oude en lange bevordert de bloei en levert nieuwe takken en scheuten op. Dit kan het beste half maart. Weggevreten blad door bladluis komt veel voor bij kamperfoelie. Hele kolonies van deze beestjes kunnen neerdalen op deze plant. De bestrijding kan met eenvoudige middelen zoals een mengsel van water gemengd met groene zeep en spiritus of een speciaal middel tegen bladluizen. Meeldauw (‘het wit’) overdekt blad en bloem met een wit, pluizig dons. Planten die hierdoor worden aangetast, moeten worden bespoten met een bestrijdingsmiddel.

9d95yg286frk_w2400.jpg

Kenmerken: