Dwergmispel (Cotoneasters watereri)

De dwergmispels of Cotoneaster vormden ooit een van de grootste heestergeslachten voor de tuin omdat ze allemaal zo mooi en veelzijdig zijn. Of je hem nu gebruikt als bodembedekker, taludplant, een mooie bloeier, een sierlijke bessenplant of een struikje op stam, Cotoneaster heeft het allemaal in zich. De euforie over deze plant is een beetje getemperd toen ontdekt werd dat een aantal soorten waardplant was voor het gevreesde peren- of bacterievuur.

Eigenschappen van de dwergmispel

Wat nu nog aan Cotoneasters in tuinen wordt gezet, kan absoluut geen kwaad. Geniet dus volop van die vooral kleinbladige soorten die zo mooi bloeien, soms fantastische bodembedekkers zijn, die de grond op hellingen helpen vasthouden en die groenblijvend of bladverliezend kunnen zijn. De hogere groenblijvende soorten zijn iets minder winterhard. Die moeten dus beschut staan. Na de rijke bloei – behorend tot de familie van de rozen lijken de bloemen wel kleine roosjes – volgen bij veel soorten vaak prachtige bessen die lang aan de struiken blijven.

Hoe moet ik de Cotoneaster x watereri onderhouden?

Cotoneasters zijn erg gemakkelijke planten. Ze groeien goed in iedere voldoende voedzame tuingrond die liefst ook humusrijk moet zijn. Ze vragen een zonnige tot licht beschaduwde plaats. Enkele soorten verdragen ook wat zwaardere schaduw. Snoei kan nodig zijn om de planten compact en binnen de perken te houden. Als je na de bloei snoeit heb je het jaar erop de meeste bloemen en bessen.

Wanneer kan ik de Cotoneaster x watereri bemesten?

Geef in het voorjaar een goede organische basisbemesting. Mulchen helpt de humus te verrijken. Zorg dat de grond niet uitdroogt, bij droogte tijdig sproeien.

Bacterievuur bij Cotoneaster x watereri

Cotoneaster x watereri, de dwergmispel,  is vernoemd naar de heer A. Waterer. Helaas is deze soort zeer gevoelig voor de ziekte bacterievuur. Mede om die reden komt de heester ook steeds minder voor, terwijl deze zeer geschikt is voor particuliere tuinen. Controleer zo nu en dan op luizen; ook spinselmotten kunnen voorkomen. Bestrijd ze zonodig. Mocht je last krijgen van bacterievuur, dien je direct alle aangetaste delen te verwijderen en te verbranden. Maak het snoeigereedschap ook goed schoon. Bacterievuur is te herkennen aan de verdroogde bloemen, bladeren en bessen, die niet afvallen maar aan de struik blijven. In een latere fase ontstaan bruine en zwarte ‘brand’ plekken op bladeren en takken.

mgp5wgr8ca2i_w2400.jpg

Kenmerken: