Zwarte schubvaren

De zwarte schubvaren Dryopteris wallichiana is uit Nepal afkomstig en wordt zo genoemd vanwege de in het begin zwart geschubde en de blijvend zwart behaarde stelen. De naam van het varengeslacht Dryopteris is afkomstig van de Griekse woorden ‘drys’ (eik) en ‘pteris’ (varen). Dit verwijst naar hun oorspronkelijke vindplaats in de eikenbossen op het noordelijk halfrond. Dit varengeslacht is een van de soortenrijkste met veel soorten die leuk zijn voor in de tuin.

Is de Zwarte schubvaren winterhard?

In ons land is het een van de populairste varens vanwege zijn sierlijk overhangend blad. Ook is hij wintergroen en de Dryopteris wallichiana heeft weinig onderhoud nodig.

Wat voor standplaats is geschikt voor Dryopteris wallichiana?

Voor deze varens is het van belang de situatie op de oorspronkelijk vindplaatsen (eikenbossen) zo goed mogelijk na te bootsen. De grond moet daarom humusrijk zijn voor de Dryopteris wallichiana. Doordat eikenbossen over het algemeen wat lichter zijn, kunnen deze varens redelijk goed wat licht verdragen, maar ze staan het beste op een schaduwrijke plek. Ze hebben wel een hekel aan wind en droogte. Mulch in het najaar met humusrijke grond, zodat de varen voeding krijgt en de minder winterharde soorten hebben een beetje extra bescherming. Een handige video voor het mulchen vind je in het artikel mulchen op onze site.

Wanneer kan ik de Zwarte schubvaren snoeien?

Snijd deze varens af in maart of april. Eerder kan zorgen voor vorstschade aan de nieuwe scheuten. Wat later maakt je het jezelf moeilijk omdat er tussen het nieuwe loof geknipt moet worden.

cwr5r9a813gx_w2400.jpg

Kenmerken: