Ridderspoor (Blue Bird)

De ridderspoor Delphinium ‘Blue Bird’ is prachtig gentiaanblauw van kleur en heeft een wit oog.

Hoe kweek ik ridderspoor?

Een ridderspoor is een attractie in de tuin. Hij behoort tot de allermooiste borderplant met zijn schitterende bloemkleuren. Bijvoorbeeld prachtig in een blauwpaarse border. De meeste bloeien in de (voor)zomer, sommigen zelfs tot in de herfst. Een tweede bloei kun je stimuleren door de bloeistengels na de eerste bloei af te knippen. Het lukt veel mensen niet om riddersporen met succes te kweken. Toch is het kweken ervan niet echt moeilijk. De planten moeten in de volle zon staan, op vruchtbare grond. Op den duur is dit niet meer genoeg, want het voedsel raakt op. Je moet ze dus om de twee jaar op een ander plekje zetten. Makkelijker is om ze vloeibare mest te geven.

Welke verschillende soorten ridderspoor zijn er?

De naam dankt de plant aan de gespoorde bloemen. De sporen zijn de naar achter uitstekende delen van de bloem. Riddersporen kunnen in verschillende groepen worden ingedeeld. Pacific Giant is één zo’n groep riddersporen, waartoe onder andere deze ‘Blue Bird’ behoort. Niet voor niets heten ze ‘giant’, want ze worden wel zo’n anderhalf tot twee meter hoog. De bloemen zijn violet en in het midden wit. De cultivars uit de Pacific Groep dragen namen uit de sagen van koning Arthur en de ridders van de ronde tafel. Deze planten dragen zware bloemtrossen en hebben daarom ondersteuning nodig.

Heeft ridderspoor beschutting nodig?

Riddersporen staan graag op een beschutte plaats. Beschutting en ondersteuning krijgen ze achter in de border, tegen een muur of schutting. Een voordeel van ridderspoor uit deze groep is dat ze minder gevoelig zijn voor meeldauw.

Wat voor grond heeft de Delphinium ‘Blue Bird’ nodig?

Riddersporen prefereren een zonnige en beschutte standplaats. Lichte kleigronden die bij voorkeur ook nog wat humus bevatten zijn het meest geschikt, maar ook op andere grondsoorten zijn goede resultaten te verwachten. Erg droge en zeer natte grond wordt slecht verdragen. Uitgebloeide bloemstengels moet je wegknippen en na de bloei moet de plant flink teruggeknipt worden.

Hoe bemest ik ridderspoor?

Het is goed om bloeiende planten om de twee à drie weken te bemesten met een vloeibare kamerplantenmest. Lange planten moeten opgebonden worden. Elke stengel heeft een eigen bamboestokje nodig. Sommige planten worden ziek. Er is sprake van meeldauw, zodra er witte vlekken op het blad verschijnen. Bespuit de plant zo snel mogelijk met een schimmelbestrijdingsmiddel, anders gaat hij dood. Je hebt weinig last van meeldauw wanneer ridderspoor op een plek staat waar het een klein beetje waait. Riddersporen uit de Pacific Giant Groep moeten regelmatig vervangen worden.

e2s5wfh8fifk_w2400.jpg

Kenmerken: