Origineel rijhuis in Brussel

Architect Arthur Donck plaatste een lichtrijke ‘leefdoos’ bovenop zijn huis, verwisselde de slaapkamers en leefruimtes van plaats en liet een groot dakterras bouwen. Dit is zijn interpretatie van een betere kwaliteit van leven.

Huizenjacht

Arthur Donck is afkomstig uit Deinze. Hij had architectuur kunnen studeren in Gent op een steenworp van zijn ouderlijk huis, maar zijn vader – zelf ook architect – stimuleerde hem om zijn geluk elders te zoeken. ‘Ik trok naar Brussel, maakte hier veel vrienden en leerde na mijn studies Astrid kennen die in de hoofdstad werkte. We houden beiden enorm veel van Brussel en wilden na een rits huurcontracten absoluut een woning kopen ergens tussen het centrum en het kanaal. Drie jaar lang hebben we gezocht naar een geschikte plek. Het mocht een loft zijn, een appartement of een huis. Als er maar genoeg ruimte was, want we droomden toen al van een gezin met veel kinderen.’ Op een zaterdag in 2010 vond het koppel een oude, kleine rijwoning zonder tuin maar met veel mogelijkheden in een smalle straat. Op de gevel stond en staat nog steeds een mooi logo van ‘Sidecars Imperial’ want in het atelier op de gelijkvloerse verdieping werden sidecars voor motors gemaakt. Twee dagen na hun eerste bezoek kocht het jonge koppel het pand. Einde huizenjacht.

Naar het licht

En toen begon het ontwerpen. ‘We hebben heel veel gediscussieerd, maar met een uitstekend eindresultaat tot gevolg. Eigenlijk zou je kunnen stellen dat ik Astrids droomhuis heb gerealiseerd. (lacht) Terwijl ik naar het perfecte plan zocht, zag zij het allemaal eenvoudiger en ze had nog gelijk ook.’ Dat de woning met zijn drie verdiepingen van vijftig vierkante meter niet groot genoeg zou zijn, was al vrij snel duidelijk. De mansarde moest weg zodat er een extra verdieping in de plaats kon komen. Arthur zelf heeft het over een ‘leefdoos’ want niet de slaapkamers verhuisden naar de nieuwe, derde verdieping, maar wel de keuken en de woonkamer. ‘Ja, wij moeten elke dag veel trappen op en af, maar dat vinden we niet erg. Vroeger woonde hier een dametje van negentig jaar en ook zij stapte nog elke dag naar boven. Ik zie een huis als een middel om de kwaliteit van je leven te verbeteren. Als je daarnaar streeft, is het toch zinloos om de slaapkamers op de lichtrijke verdiepingen te plaatsen en te leven op de donkere?’, merkt Arthur op. Om nóg meer licht naar binnen te kunnen trekken, maakte hij van de achtergevel één grote glaspartij. En ook de voorkant kreeg een groot raam. ‘Onze overburen kregen er als het ware een televisie bij, want ze kunnen ons doen en laten van op de eerste rij volgen. Ze hebben ons gezin stelselmatig zien uitbreiden van twee naar vijf personen.’ En daarmee was de verbouwing nog niet gedaan, want bovenop de woonkamer kwam ook nog een dakterras. ‘Nu kunnen we tenminste naar buiten met ons gezin zonder dat we daarvoor ons huis moeten verlaten.’

Shoppen in de stijl van Arthur en Astrid

shoppen in de stijl van arthur en astrid

Bron: vtwonen 12-2016 | Styling & Fotografie Jonah Samyn | Tekst Katrien Depoorter

nog meer: binnenkijken