Dubbel benedenhuis in Amsterdam

Het interieur uit dit dubbel benedenhuis in Amsterdam uit 1890 heeft een witte basis met allerlei kleurrijke verzamelingen. Die persoonlijke spullen maken van het huis een echte thuis.

Dubbel benedenhuis uit 1890 in Amsterdam

De zithoek met twee comfortabele zetels ligt achter de keuken op de begane grond. Een klein trapje leidt naar de zijkamer. Daar is de werkkamer van Friedes, mét een schommel voor dochter Lucy. Zij ligt op dit moment lekker te slapen in haar kamer boven. Lisa wijst naar de zijkamer: “Toen we dit huis kochten, was daar de keuken. Veel te klein. Friedes is heel handig. Hij maakte de doorgang, timmerde er samen met zijn beste vriend de grote boekenkast eromheen en plaatste een nieuwe keuken aan de straatkant van het huis. Knap vind ik dat, als je zelf een huis kunt verbouwen. De werken duurden drie maanden. Ik vond het wel leuk, want het heeft iets gezelligs – er kwamen constant vrienden en familie over de vloer met eten – maar ik was ook blij toen het klaar was. Na een tijdje heb je genoeg van al dat stof, het puin en de verflucht.”

Liever zelf creatief

Lisa: “Ik droomde altijd van een open leefkeuken en die heb ik nu. Er is plek genoeg voor een grote eettafel, heel gezellig.” De keuken is geen kant-en-klaar exemplaar. Ze werd opgebouwd uit verschillende onderdelen. De basis is van Ikea, maar het hardhouten blad werd uitgekozen bij de Amsterdamsche Fijnhout-handel. Er werden houten lades van oude bouwmaterialenhandel 
Schijf Restoric geplaatst op nieuwe geleiders en het beslag komt van ijzerhandel Gunther en Meuser. Lisa: “Ik geef niet graag veel geld uit aan een keuken. Ik ben liever zelf creatief dan dat ik een doorsnee ontwerp koop. Ook dure spots vind 
ik onzin: de simpele klemlampjes van Ikea vond ik veel leuker. Ik hou ook niet van bovenkastjes, daarom koos ik voor planken. Dan zie je tenminste al je servies.”

Gek op spullen

Er is veel te zien in dit huis. Op de planken in de keuken, op het aanrecht, in de open boekenkast, aan de muur… overal staat of hangt wel iets leuks om naar te kijken. Lisa: “Ik ben nogal een verzamelaar. De basis is wit omdat ik dan net lekker los kan gaan. Ik hou van spullen: servies, boeken, kaders, … Hier valt het nog mee. In mijn vorige huis was het alsof je in Marrakech rondliep.” Friedes is net binnengekomen met de broodjes: ‘”k vind jouw smaak heel leuk, maar het is wel erg vol. Als ik de krant wil lezen aan tafel, moet ik altijd eerst een berg spullen opzij schuiven.” Lisa: “Bezit is balast hoor je weleens, maar ik vind het fijn om veel spullen om me heen te hebben. Het zijn ook herinneringen. Ze maken dat ik me thuis voel. Tweedehands spulletjes kopen voor dit huis vind ik het allerleukste wat er is. Als ik dan iets heb gevonden, bedenk ik ’s avonds in bed welke plek het moet krijgen. En de volgende dag hangt Friedes het op. Vroeger haalde ik veel van de straat, nu komen spullen vooral van Marktplaats. Zoals de stoelen van Castelli rond de eettafel. Ik vind het belangrijk dat een huis eigen is, dat je aan de spullen kunt zien wie er woont. Het mag niet inwisselbaar zijn. Over mij zegt dit huis dat ik chaotisch ben en dat ik van gezelligheid hou”. En van mooie dingen aan de muur.

Wisselende expositie

Lisa: “Ik ben lid van de SBK kunstuitleen. Voor vijfentwintig euro per maand heb ik altijd verschillende kunstwerken in huis hangen en ik kan zo vaak wisselen als ik wil. Het maandbedrag ben ik niet kwijt, dat gaat in een soort spaarpot waarmee ik uiteindelijk een kunstwerk kan kopen. Kunst doet veel voor de sfeer in huis. Ik zou het liefst op elk stukje muur iets hangen wat me aanspreekt. Volle en onregelmatige muren vind ik het leukst: één schilderij of foto op een verder lege muur is niet genoeg. 
Ik hang kadertjes op op gevoel. Die passie voor inrichting en styling heb ik van mijn moeder. Het rook vroeger bij ons thuis altijd naar verf: mijn moeder veranderde elke maand wel iets in huis. Soms hoorde ik haar als ik ’s avonds in bed lag schuiven met 
meubels. Als ik dan ’s ochtend beneden kwam, was de hele indeling 
veranderd. Bij mij zit het ’m meer in de kleine dingen, maar ook ik wil een huis waar ik me goed voel. Ik kan dágenlang binnen zitten en vind dat heerlijk. Thuis ben ik het gelukkigst. Dit huis voelt echt goed, alles klopt hier . Ik vind het groot: honderdtwintig vierkante meter. En luxe: we wonen op de begane grond en eerste verdieping, in de leukste buurt van Amsterdam. Die grenst aan het leukste stukje binnenstad, maar het is hier wel rustig. Kinderen kunnen op straat spelen en het is vlakbij het Vondelpark. Dat vind ik ook fijn voor Lucy. De drang om de stad uit te gaan omdat we een kind hebben, voel ik helemaal niet.”

Bron: vtwonen april 2012 | Fotografie Tjitske van Leeuwen | Styling Marianne Luning

nog meer: binnenkijken